Value investing, een simpele uitleg

Stel je bent terug 12 jaar en de zomervakantie breekt aan.
Laten we zeggen dat jij al enkele jaren limonade verkoopt in de zomer. Elke zaterdagnamiddag heb je een eigen limonadestandje waar dat je limonade verkoopt aan buren, vriendjes en toevallige voorbijgangers. Stel dat je gemiddeld € 250 verdient gedurende de hele zomer.

Maar je bent nu al 12 en hebt ondervonden dat je oudere broer meer verdient met het gras af te doen bij verschillende buren. Omdat je oudere broer nu een baantje heeft in de supermarkt stopt hij hiermee en verteld dat jij zijn maaironde mag overnemen. Het gras af doen betaalt veel beter dan limonade verkopen dus je hapt toe.

Nu moet je alleen nog afgeraken van je limonadestand. Kapitalist dat je bent wil je dat niet zomaar weggeven. Je hebt namelijk nog veel voorraad en hebt een goede naam in de buurt.  Je vertelt aan een vriend dat je je limonadestand wil verkopen en hij heeft interesse om het over te nemen. Hij wil je er € 100 voor geven en dat vind je een redelijke prijs en je hapt toe. Maar omdat hij vraagt of je hem alles eens wil uitleggen besluit je om toch nog een keer je standje uit te baten zodat hij alles kan observeren. Zo fier dat je vriend is, vertelt hij aan al zijn vrienden dat hij een geweldige limonadestand gaat kopen.

De zaterdag begint en het is prachtig weer, al snel komen je vaste klanten een limonade kopen. Even nadat je vriend is aangekomen komen nog enkele andere kinderen  een kijkje nemen. phpthumbEentje zegt vlakaf ” Ik wil ook jouw standje kopen, en ik geef je er €110 voor” Een andere schreeuwde: “Nee verkoop aan mij, ik biedt € 125″ En dan roept de pestkop van de buurt: “Ik biedt €150!”

Maar nog voordat je die €150 kan aannemen voel je een druppel. Je kijkt even omhoog en je voelt er er nog een en nog een… Voor je het beseft, begint het te stortregenen.

De kinderen om je heen kijken elkaar aan en Christine roept: “Ik wil deze limonadestand niet meer!” Het kind dat € 110 bood zegt daarop “Maar als Christine dit standje niet wil kopen, dat is toch raar, want zij haalt altijd zo’n goed punten. Ik wil het ook niet meer.”  Voor je het weet sta je er nog alleen met je vriend. Hij kijkt je bezorgt aan. Ook hij past,  hij vreest dat hij zijn € 100 nooit kan terugverdienen, wat als het elke dag slecht weer wordt?

Daar sta je dan helemaal alleen in de regen. Wat jammer toch dat je je standje niet kon verkopen. Opeens fietst er een kind in regenjas voorbij. Hij vraagt wat je aan het doen bent en je vertelt hem alles. Dan zegt hij plots: “Ik wil het standje wel kopen, ik geef je er € 50 voor.” Je antwoordt dat € 50 amper de voorraad dekt. Maar besluit toch te verkopen om van het handeltje af te zijn.

Je vertrekt naar huis en de koper ruimt verder op. Ondertussen stopt het met regenen en de andere kinderen komen weer buiten. Zij zien de koper van het standje en verklaren hem voor gek. “Jij bent niet goed wijs!” “Hier ga je je broek aan scheuren” roept een ander. Maar de jongen in regenjas trekt hier niets van aan en ruimt verder op en gaat naar huis.

De volgende week zie je de jongen staan met zijn pas gekochte limonadestand. Het is weer mooi weer en allerlei mensen kopen bij hem een limonade. In de namiddag komen dezelfde kinderen als vorig week voorbij en zien dat de nieuwe jongen zijn limonade goed verkoopt. Eentje zegt: “Jongen verkoop jij dit standje niet?” “Ja antwoord de jongen, maar alles hangt af van de prijs.” Al snel begint het biedproces weer, tot er eentje roept: “Ik geef 150 euro!” “Verkocht!” was het antwoord.

Wat probeer ik met dit simpel kinderverhaal uit te leggen?

Het kind dat tegendraads koopt doet hier een heel goede zaak. Hij was degene die durfde te kopen wanneer alle anderen het lef niet hadden. Maar hij betaalde niet zomaar een prijs. Hij betaalde amper voor de voorraad van het standje. Hierdoor kon hij het risico beperken. Want zelfs als de limonade nooit meer verkocht, dan kon hij nog volledig stoppen en zijn voorraad verkopen.

Een week later was de sfeer weer volledig omgedraaid en kon hij het standje met € 100 winst verkopen. Maar voordat hij winst maakte moest hij nog een hele week aanhoren dat hij wel het domste kind van de straat was. Hij kocht een limonadestand terwijl het regende!

Ik denk dat je nu wel de link kan leggen met de aandelenmarkt.
Nog niet? Doe dan het volgende:

  • Verander in het verhaal het woord “limonadestandje” door “bedrijf”.
  • Vermenigvuldig de bedragen met € 1 miljoen.
  • Verander de namen van de kinderen door namen van beleggers.
  • Verander het woord “regen” door het woord “crisis”.

En wat hebben John Tempelton, Benjamin Graham en Warren Buffett gemeen met het kind uit het verhaal? Dat ze value investors zijn, die vaak tegendraadse beleggingen nemen. En hun heeft het geen windeieren gelegd…

(het verhaal is een vrije vertaling van een fragment uit het boek: Investing the Templeton Way: The Market-Beating Strategies of Value Investing’s Legendary Bargain Hunter)

Andere artikels:

Een reactie op “Value investing, een simpele uitleg”

  1. Katrijn says:

    Heel leuk verhaal, ik ga het zeker gebruiken in mijn klas. Ik ga wel de spelfouten in de werkwoorden verbeteren !

Reageer